7 vragen aan het bestuur – Hans

Hans van Drongelen

Waar was je toen je gevraagd werd voor het bestuur?
Ik ben niet gevraagd maar er op vanzelfsprekende wijze ingerold. Dit hangt samen met de overgang die we vorig jaar maakten van een coördinatiegroep naar een bestuur. Tineke Ruigh en ik hebben de vorm voor dit bestuur uitgedacht en het leek mij goed om zelf verantwoordelijkheid te nemen om deze nieuwe constructie uit te werken en uit te proberen. Ik moet zeggen dat het me niet tegengevallen is.

Hoeveel bedenktijd?
Bedenktijd heb ik niet gehad, niet genomen ook, ik had het gevoel dat er voor het begin van het nieuwe seizoen een nieuw bestuur moest zijn om als gemeenschap verder te kunnen.

Wat doe je in het dagelijkse leven?
Dan probeer ik het onzichtbare en het ondenkbare op een of andere manier tot een ervaring te maken in het leven van mensen. Dit lijkt raar en vaag – en dat is het ook – maar het gaat hier om een geestelijke en mentale dimensie van het leven die voor velen, en ook voor mij, van groot belang is. Zonder dit wordt het leven oppervlakkig, leeg. In gesprekken met mensen (dienstvoorbereiding), in trainingen met studenten, probeer ik de sluier van dit onzichtbare domein een beetje op te lichten en mensen een idee te geven wat dit leven, dat we volgens mij maar één keer leven, de moeite waard maakt. Als je dit weet, beïnvloedt dit je keuzes en bezigheden en kun je een rijker en voller leven hebben.

Doe je nog ander vrijwilligerswerk?
Nee, mijn werk is mijn totale leven, daar zit alles in.

Afgelopen weekend iets leuks gedaan?
Teruggereden van mijn vakantie in Italië, files omzeilen, het reizen als deel van de vakantie blijven beschouwen, genieten van de landschappen waar ik langskom. Zien hoe de sfeer op een andere plek is. Zo heb ik overnacht in een hotel in Fribourg, Zwitserland, en ben daar ‘s avonds de stad ingelopen. Er is een modern deel bij het station dat er rommelig uitziet en de wandelaar er een beetje verloren bij doet lopen. De oude stad heeft een eigen sfeer: kleine vakwerkhuizen, die de geschiedenis van de stad ademen, beetje gesloten wel alsof de stad niet van vreemdelingen houdt. Het gekke was dat er juist een heel gemengde bevolking op straat te vinden was: studenten, jonge gezinnen in allerlei samenstelling. Het is ook een leerzame ervaring om met mijn dochter die sociale geografie en city planning studeert met haar ogen naar een stad te kijken waar je zomaar binnenwandelt.

Wat motiveert je?
Zin en nut van het geestelijke in dit leven ervaren en laten zien aan anderen. Dit vind ik nog altijd een belangrijke bijdrage aan de samenleving. Ik zie mezelf dan ook in deze veranderende tijden als motivator voor de wereld waar ik deel van ben. De kerkelijke gemeenschap is deel van deze wereld, maar ik zie wel de noodzaak om manieren te vinden om geloof niet op te sluiten in een klein domein, maar te verbinden met mensen van allerlei achtergrond. De kwaliteit van een samenleving is ervan afhankelijk. Ik vind mijn werk daarom ook opwindend omdat het midden in een veranderende wereld plaatsvindt en het ook van mij afhangt of ik het erbij laat zitten of dat ik geloof in de betekenis van mijn werk.

Waar staar de Kerk aan het Noordeinde volgend jaar?
Moeilijk te zeggen. Ik ben mij bewust van onze turbulente tijd. De kerk heeft een eigen traditie die een zekere kracht heeft. Tegelijk zie ik dat de traditie die in de jaren 60 en 70 gevormd is op de lange termijn niet te behouden is. We leven in een andere context dan toen, dat zie ik al aan mijn kinderen. Maar je hebt niet zomaar wat nieuws op tafel dat een uitdrukking is van wat mensen in deze tijd beweegt.