Op reis | Het juwelenkistje van Harambels


schetsTon Meijknecht

De eerste keer stonden we voor een dichte deur. Een romaanse kapel in het piepkleine dorpje Harambels in zuidelijk Frankrijk, tegen de Pyreneeën aan. Verder stonden er vier grote boerenhoeven waarin uitgebreide families konden wonen, drie generaties en meer. En bij de kapel een begraafplaats.
Het was 1993 en we waren met een groep op de fiets op weg naar Santiago als moderne pelgrims. Elke dag legden we een etappe af. En op elke etappe bezochten we een monument. Dat was onze manier om lijfelijk te treden in duizend jaar oude sporen van pelgrims. Op deze dag stond de kapel van dit dorp op het programma. Ze ligt vlakbij het knooppunt van verschillende pelgrimsroutes. Drie wegen uit drie streken van Frankrijk komen er samen en vanaf hier gaan de pelgrims tezamen de Pyreneeën over.

kerkjeDe kapel is gewijd aan de heilige Nicolaas. Ze wordt al in het jaar 1039 in documenten vermeld en is de oudste pelgrimskerk aan de route. Ze staat bekend als een intiem boerenkunstwerk, een juwelenkistje. We konden het niet controleren, want de deur bleef dicht. Een mysterieus portaaltje was alles wat we te zien kregen. Niemand van de bewoners van het dorp wilde ons begrijpen. Ons Frans had ons overal geholpen, maar hier waren we opeens onverstaanbaar.

Vijf jaar later gingen we weer, nu met een andere groep en over dezelfde route. In Harambels troffen we opnieuw een gesloten deur. En een dove boerin. Totdat er een Fransman arriveerde. Hem verstond ze opeens wel en hij kreeg zonder probleem toegang. Met een oude, ijzeren sleutel deed zij het poortje open alsof ze met een geheime combinatie een brandkast opende. Bedeesd slopen we mee naar binnen.

kerk-staand

Binnen was het duister als in een orthodoxe kerk. Er stroomde een beetje licht door een raam naar binnen. En er brandde een rood olielampje, een godslamp. In dat zachte licht zagen we het barokke altaar, houtsnijwerk, een vroom boerenproduct van lange, koude wintermaanden. De wanden en het gewelf waren beschilderd met details in allerlei kleuren, turquoise, rood, geel en goud. We zagen gestreepte patronen en bonte lijnen, die geheime deuren en kasten verborgen. Boven langs de wanden hadden ze stijve afbeeldingen van heiligen en pelgrims geschilderd.

 

kerk-liggendHet was alsof ik een pas geboren baby zag, roze en kwetsbaar en toch zo oud als de wereld. Verrassend nieuw en toch zo bekend als het leven zelf. Rimpelig en eeuwig jong. Aanhankelijk en oppermachtig. Ik durfde nauwelijks te ademen, om de betovering niet te verstoren. Vol overgave zoog ik de beelden naar binnen om ze voorgoed op te slaan. Nu nog kan ik genieten van de herinnering aan die heilige schat.