Het studentenpastoraat in Delft was van oudsher in drieën verdeeld: een hervormd, gereformeerd en katholiek deel. Met eigen pastores en eigen vieringen.
Omdat het werk voor dezelfde doelgroep bestemd was, namelijk de Delftse studenten, werd er steeds meer samengewerkt in de groep van de pastores en werd het steeds logischer de krachten te bundelen.
Dat leidde ertoe om in 1979 gezamenlijke vieringen te organiseren op oecumenische basis. Omdat geen van de drie deelgroepen over een eigen kerkgebouw beschikte, werd de Lutherse kerk gehuurd. Een mooi, intiem gebouw met een lange geschiedenis, waar we tot op de dag van vandaag nog steeds kerken.
We noemden ons toen oecumenische gemeenschap Delft (OGD). De vaste studentenpastores gingen voor in de diensten en de wijkkerkenraad/locatieraad was verantwoordelijk voor de gang van zaken in de vieringen al naar gelang wie er voorging (hervormd, gereformeerd, katholiek).
De vieringen volgden een vast stramien die ontworpen was volgens de Romeinse en protestantse liturgie, zodat er oecumenische vieringen konden ontstaan.
Voor de protestanten was het wennen dat er elke week een tafelviering was, voor de katholieken was het nieuw dat de dienst van het woord een prominente plaats innam met een uitgebreidere preek dan dat men gewend was.
Er wordt nog steeds gewerkt met dit raamwerk, tot volle tevredenheid van de kerkgangers. Wel wordt sinds een paar seizoenen gewerkt met experimentele vieringen, Een paar jaar geleden kwam de wens om de kerkgemeenschap een andere naam te geven. OGD was een wat te algemene naam en gaf niet duidelijk aan om wat voor kerkgemeenschap het nu ging.
Uiteindelijk is er gekozen voor een pragmatische naam, namelijk de plek waar we de vieringen houden: kerk aan het Noordeinde, waarbij het raamwerk wat wordt losgelaten, zoals een Taizé viering.